Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser], eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, werd op 23 maart 2021 de maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59 lid 1 onder Pro a van de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder stelde dat de maatregel noodzakelijk was vanwege risico's dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou belemmeren. Eiser betwistte enkele gronden voor de maatregel, maar niet alle.
De rechtbank oordeelde dat de zwaarwegende en lichte gronden gezamenlijk de maatregel kunnen dragen. Eiser voerde aan dat er geen zicht op uitzetting is omdat hij in 2016 ook in bewaring was gesteld zonder uitzetting, en dat er misbruik wordt gemaakt van de maatregel. De rechtbank verwierp dit verweer omdat de eerdere bewaring in 2017 werd opgeheven na belangenafweging, en verweerder aangaf dat een laissez passer wordt aangevraagd, waardoor zicht op uitzetting aanwezig is.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter S.G.M. van Veen en griffier T.R. Oosterhoff-Vos op 2 april 2021 in Utrecht.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.