ECLI:NL:RBDHA:2021:6128
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E.M.M. Kettenis - de Bruin
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning dakterras en hek in Scheveningen-Dorp
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Den Haag om een omgevingsvergunning te verlenen voor het aanleggen van een dakterras en het vervangen en verplaatsen van een hek bij een woning in Scheveningen-Dorp.
De welstandscommissie had na twee negatieve adviezen uiteindelijk een positief advies gegeven over het bouwplan. Het college handhaafde het besluit om de vergunning te verlenen, omdat het bouwplan niet in strijd is met het bestemmingsplan, voldoet aan de redelijke eisen van welstand en geen strijd oplevert met het Bouwbesluit of de Bouwverordening.
De eiser stelde dat het bouwplan niet aan de redelijke eisen van welstand voldoet en dat er sprake is van een privaatrechtelijke belemmering, maar de rechtbank oordeelde dat het college terecht het positieve advies van de welstandscommissie heeft gevolgd. De eiser heeft onvoldoende onderbouwd waarom het bouwplan in strijd zou zijn met het bestemmingsplan.
De rechtbank benadrukte dat de weigeringsgronden voor een omgevingsvergunning limitatief en imperatief zijn en dat het college geen belangenafweging mocht maken. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.