ECLI:NL:RBDHA:2021:6293
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Hersteluitspraak intrekking voorlopige voorziening vreemdelingenrecht
In deze bestuursrechtelijke zaak inzake vreemdelingenrecht heeft de rechtbank Den Haag op 14 juni 2021 een hersteluitspraak gedaan. De zaak betrof een verzoeker tegen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Op 2 juni 2021 was reeds een uitspraak gedaan, maar gebleken is dat de voorlopige voorziening waarop deze uitspraak betrekking had, al op 2 april 2021 was ingetrokken.
Daarom heeft de rechtbank geoordeeld dat de uitspraak van 2 juni 2021 als niet gedaan moet worden beschouwd. Deze hersteluitspraak is gedaan door rechter K.M. de Jager in aanwezigheid van griffier G. de Keuning. De beslissing is in het openbaar uitgesproken en partijen zijn geïnformeerd.
De procedure betreft een enkelvoudige zitting in eerste aanleg bij de rechtbank Den Haag, locatie Middelburg, onder zaaknummer AWB 20/9055. De hersteluitspraak zorgt voor duidelijkheid over de status van de eerdere uitspraak en bevestigt dat de intrekking van de voorlopige voorziening de procedure heeft beëindigd.
Uitkomst: De uitspraak van 2 juni 2021 wordt als niet gedaan beschouwd vanwege intrekking van de voorlopige voorziening op 2 april 2021.