ECLI:NL:RBDHA:2021:630
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen. Verweerder beriep zich op de Dublinverordening, die bepaalt dat de lidstaat waar de asielzoeker als eerste illegaal binnenkomt, verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.
Eiser betoogde dat Spanje niet verantwoordelijk kan worden gehouden omdat hij slechts één dag in Spanje verbleef en op doorreis was naar Nederland. Tevens stelde hij dat het asielstelsel in Spanje overbelast is en verwees naar een Europees ontwerpvoorstel tot wijziging van de Dublinverordening.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht Spanje als verantwoordelijke lidstaat heeft aangewezen. De intentie van eiser om naar Nederland te reizen doet hier niet aan af. Eiser slaagde er niet in aannemelijk te maken dat terugzending naar Spanje onredelijk is vanwege overbelasting. Ook het ontwerpvoorstel is niet relevant voor de beoordeling.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.