ECLI:NL:RBDHA:2021:6362
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing ambtshalve wijziging vergunningvoorschriften vliegenoverlast
Verzoekster, SITA Recycling Services Zuid B.V., kreeg op 11 februari 2021 een ambtshalve wijziging van haar omgevingsvergunning opgelegd door het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, gericht op het beperken van vliegenoverlast. De voorzieningenrechter beoordeelde het verzoek om een voorlopige voorziening tegen deze wijziging.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster een voldoende spoedeisend belang had vanwege de omvangrijke investeringen en aanpassingen in de bedrijfsvoering die de nieuwe voorschriften vereisten. Verzoekster beperkte haar verzoek tot de voorschriften 1.1.1 tot en met 1.1.12, die betrekking hebben op het beperken van overlast door insecten en knaagdieren, niet de voorschriften over geurbeperking.
Verweerder baseerde zijn besluit op rapporten van het Kennis- en Adviescentrum Dierenplagen (KAD) die vliegenoverlast toeschreven aan de activiteiten van verzoekster. Verzoekster betwistte de deugdelijkheid van deze onderzoeken en overhandigde kritische rapporten van Sedgwick. De voorzieningenrechter vond dat de rechtmatigheid van het besluit nader onderzocht moest worden in de bodemprocedure.
Bij de belangenafweging vond de voorzieningenrechter dat het financiële belang van verzoekster zwaarder woog dan het belang van verweerder en omwonenden bij onmiddellijke inwerkingtreding, mede vanwege onvoldoende onderbouwing van de ernst en omvang van de overlast. Daarom werden de voorschriften 1.1.1 tot en met 1.1.12 geschorst tot zes weken na verzending van de uitspraak in het bodemgeding. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De voorzieningenrechter schorst de gewijzigde vergunningvoorschriften gericht op vliegenoverlast tot zes weken na verzending van de uitspraak in het bodemgeding.