Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
uitspraak van de voorzieningenrechter voor vreemdelingenzaken in de zaak tussen
[Naam] , verzoekster,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
In deze bestuursrechtelijke zaak verzocht de verzoekster de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen die de uitzetting door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid zou moeten voorkomen totdat op het beroep in een gerelateerde procedure was beslist.
De voorzieningenrechter overwoog dat op 10 juni 2021 reeds op het hoofdberoep was beslist, waardoor het verzoek om een voorlopige voorziening kennelijk ongegrond was. Er was geen aanleiding om de gevraagde maatregel te treffen, mede omdat de procedure met zaaknummer AWB 20/8243 reeds was afgerond.
Op grond van artikel 8:81 en Pro artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht werd het verzoek buiten zitting afgewezen. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter K.M. de Jager en openbaar gemaakt op 21 juni 2021.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de uitzetting wordt afgewezen omdat het beroep reeds is beslist.