Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
zeeronvoorzichtig en onoplettend moet worden beschouwd. Op grond van de bovenstaande bewijsmiddelen acht de rechtbank daarom het onder feit 1 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
dertig (30) maanden;
tien (10) maanden, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
4 (vier) jaar;