ECLI:NL:RBDHA:2021:7179
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing urgentieverklaring wegens ontbreken urgent woonprobleem
Eiseres woont sinds 2015 in een driekamerwoning en heeft vanwege psycho-sociale klachten haar twee kinderen in 2018 uit huis geplaatst zien worden. Zij vroeg om een urgentieverklaring voor een grotere woning, omdat zij van mening is dat haar huidige woning te klein is en dit de terugplaatsing van haar kinderen belemmert.
Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg, wees de aanvraag af op grond van de Huisvestingsverordening 2019 en het advies van Salude Medisch Advies, omdat er geen sprake is van een urgent woonprobleem en de situatie geen bijzondere hardheid oplevert.
De rechtbank volgt verweerder en oordeelt dat de driekamerwoning voldoende is voor een alleenstaande vrouw en dat er geen bewijs is dat een grotere woning noodzakelijk is voor de terugplaatsing van de kinderen. Eiseres kan bij wijziging van omstandigheden opnieuw een aanvraag indienen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de urgentieverklaring wordt ongegrond verklaard.