ECLI:NL:RBDHA:2021:7362
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid door ontbreken connexiteit
Verzoeker heeft een aanvraag tot uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 ingediend, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen bij besluit van 25 maart 2021. Tegen dit primaire besluit is bezwaar gemaakt, waarna verzoeker tevens een voorlopige voorziening heeft verzocht bij de voorzieningenrechter.
De voorzieningenrechter overweegt dat op grond van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een voorlopige voorziening slechts kan worden verzocht zolang bezwaar of beroep aanhangig is (connexiteitsvereiste). Inmiddels is op 4 mei 2021 het bezwaar ongegrond verklaard en heeft verzoeker geen beroep ingesteld. Hierdoor ontbreekt de vereiste connexiteit.
Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 8 juli 2021 en is niet vatbaar voor beroep.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van de vereiste connexiteit.