ECLI:NL:RBDHA:2021:7670
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op ziekengeld na beëindiging arbeidsovereenkomst en WW-uitkering
Eiseres was intensief trajectbegeleider en ontving een WAZO-uitkering tot 6 mei 2019. Haar arbeidsovereenkomst eindigde op 16 juli 2019 waarna zij een WW-uitkering ontving. Zij meldde zich met terugwerkende kracht ziek vanaf 21 mei 2019 en verzocht om een Ziektewet-uitkering.
Verweerder wees dit af omdat eiseres op 21 mei 2019 niet vanuit de WW verzekerd was voor de Ziektewet. Eiseres stelde dat zij recht had op ziekengeld omdat zij doorlopend ziek was als gevolg van zwangerschap en bevalling, ook al hervatte zij tijdelijk haar werkzaamheden uit angst haar baan te verliezen.
De rechtbank oordeelde dat toekenning van ziekengeld vanuit de WW pas mogelijk is na 13 weken WW-uitkering en dat eiseres op de datum van ziekmelding niet verzekerd was. Daarnaast ontbrak medische informatie die een doorlopende ziekteperiode bevestigde. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres op ziekengeld per 21 mei 2019 wordt ongegrond verklaard omdat zij toen niet verzekerd was vanuit de WW en onvoldoende medische onderbouwing is geleverd.