ECLI:NL:RBDHA:2021:797
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op urgentieverklaring en hardheidsclausule in woningtoewijzing
Eiseres, woonachtig bij haar moeder met haar dochter en andere familieleden, verzocht om een urgentieverklaring vanwege een te drukke woonsituatie en medische problematiek bij haar moeder. Verweerder wees dit verzoek af omdat eiseres geen regionale binding heeft en er geen bijzondere omstandigheden zijn die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigen.
Eiseres stelde in beroep dat zij vanwege een gewelddadige relatie noodgedwongen bij haar moeder woont en dat zij in de regio Leiden werkzaam is zonder rijbewijs, waardoor zij in die regio moet wonen. Tevens voerde zij aan dat het gelijkheidsbeginsel geschonden werd omdat vergelijkbare gevallen wel een urgentieverklaring ontvingen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat er geen bijzondere hardheid is en dat de afwijzing gerechtvaardigd is gezien de schaarste aan sociale woningen en de situatie van eiseres niet ernstig afwijkend is. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagt niet omdat de vergelijkbare gevallen niet voldoende vergelijkbaar zijn.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de urgentieverklaring wordt ongegrond verklaard.