ECLI:NL:RBDHA:2021:808
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser, geboren in een onbekend land, diende op 8 augustus 2020 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, nam deze aanvraag niet in behandeling op grond van artikel 30 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 en de Dublinverordening, omdat Roemenië verantwoordelijk werd geacht.
De rechtbank constateert dat de beroepsgronden grotendeels een herhaling zijn van eerdere zienswijzen en onvoldoende gemotiveerd zijn om het besluit te vernietigen. Eiser bracht een nieuw argument aan over mogelijke belemmeringen bij overdracht vanwege Covid-19 instructies van Roemenië, maar onderbouwde dit niet voldoende.
De rechtbank stelt vast dat verweerder terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat Roemenië haar internationale verplichtingen nakomt. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 27 januari 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.