ECLI:NL:RBDHA:2021:8305
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging aanspraak op langdurige zorg Wlz wegens ontbreken blijvende zorgbehoefte
Eiseres, bekend met ADHD, borderline persoonlijkheidsstoornis en middelengebruik, was aanvankelijk geïndiceerd voor langdurige zorg op grond van de Wlz met het zorgprofiel VG06. Na bezwaar heeft de zorgaanbieder het primaire besluit ingetrokken en de aanspraak op zorg beëindigd, met een gewenningsperiode van drie maanden.
De medisch adviseur concludeerde dat er geen blijvende behoefte is aan permanent toezicht of 24-uurszorg, mede omdat nog geen behandeling heeft plaatsgevonden die de onomkeerbaarheid van beperkingen kan bevestigen. Eiseres voerde aan dat diverse intelligentieonderzoeken onvoldoende zijn meegewogen, maar de rechtbank oordeelde dat deze onderzoeken wel degelijk zijn betrokken en de conclusie van de medisch adviseur zorgvuldig is.
Tijdens de zitting heeft de gemachtigde van eiseres de noodzaak van zorg toegelicht, maar na het niet overleggen van aanvullende medische informatie zag de rechtbank geen reden om het standpunt van de medisch adviseur te herzien. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beëindiging van de aanspraak op langdurige zorg vanuit de Wlz.