Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser, V-nummer: [V-nummer]
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr. D.M. Biermann, griffier.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 28 juni 2019 een asielaanvraag in bij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Nadat verweerder niet tijdig op de aanvraag had beslist, stelde eiser verweerder in gebreke en startte een beroepsprocedure. De rechtbank verklaarde dit beroep gegrond en legde een dwangsom op voor het niet tijdig beslissen.
Verweerder besloot uiteindelijk op 11 juni 2020 de aanvraag van eiser in te willigen, maar stelde dat de termijn voor het opleggen van de dwangsom nog niet was verstreken en berekende de dwangsom slechts over een deel van de periode. Eiser betwistte dit en stelde dat hij recht had op een hogere dwangsom.
De rechtbank oordeelde dat zij zich onbevoegd verklaarde om over de hoogte van de dwangsom te oordelen, omdat de vaststelling daarvan geen publiekrechtelijke rechtshandeling betreft en dus niet onder de bestuursrechter valt. Eiser moet zich hiervoor tot de burgerlijke rechter wenden. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om over de hoogte van de rechterlijke dwangsom te oordelen en verwijst eiser naar de burgerlijke rechter.