Uitspraak
Beschikking op het op 21 augustus 2020 ingekomen verzoekschrift van:
[X]
DE STAAT DER NEDERLANDEN,
Procedure
Verzoek en het standpunt van de IND en de officier van justitie
Feiten
- Verzoekster is de moeder van [minderjarige] . De moeder heeft de Ghanese nationaliteit.
- Aan [vader van de minderjarige] (hierna: [vader van de minderjarige] ), geboren op [geboortedatum 2] 1955 te [geboorteplaats 2] , Goudkust (het huidige Ghana) en overleden op [datum overlijden] 2010 te [plaats van overlijden] , is op 14 juli 1992 bij Koninklijk Besluit het Nederlanderschap verleend.
- Op 8 maart 2011 is ten behoeve van [minderjarige] bij de Nederlandse ambassade te [plaatsnaam] een Nederlands paspoort aangevraagd. Op 15 juli 2011 heeft de Minister van Buitenlandse Zaken besloten de paspoortaanvraag niet in behandeling te nemen omdat er geen gelegaliseerd uittreksel van de huwelijksakte van de ouders van [minderjarige] is overgelegd. Tegen deze beslissing is op 24 augustus 2011 bezwaar aangetekend. Het bezwaar is bij beschikking van 10 oktober 2012 door de Minister van Buitenlandse Zaken ongegrond verklaard, omdat hij van oordeel is dat [minderjarige] niet staande een rechtsgeldig huwelijk tussen verzoekster en [vader van de minderjarige] is geboren.
- Tegen voormelde beschikking van 10 oktober 2012 heeft verzoekster beroep ingesteld. De rechtbank Den Haag, bestuursrechter, heeft bij beschikking van 30 juli 2014 het beroep ongegrond verklaard, reeds omdat het bestaan van het gestelde gewoonterechtelijk huwelijk tussen de ouders van [minderjarige] niet is aangetoond.
- Tegen de beslissing van de rechtbank van 30 juli 2014 heeft verzoekster hoger beroep ingesteld. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij uitspraak van 18 februari 2015 de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
- Een bij de civiele rechtbank Den Haag op 14 oktober 2010 ingediend verzoek tot vaststelling van het Nederlanderschap van [minderjarige] is bij beschikking van 3 december 2015 van deze rechtbank afgewezen op de volgende gronden:
- Tegen deze beschikking is cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De Hoge Raad heeft op 17 juni 2016 besloten dat in deze zaak artikel 80a RO van toepassing is.
- In een ‘declaration confirming relationship’ van 6 april 2017 verklaart verzoekster dat zij gewoonterechtelijk gehuwd was met [vader van de minderjarige] . Van dit huwelijk is geen akte opgemaakt.
- De naam van verzoekster werd op 3 oktober 2018 gewijzigd van ‘ [naam] in ‘ [voor en geslachtnaam X] . Deze naamswijziging is gepubliceerd in de Ghana Gazette.
- Uit een verwantschapsonderzoek van 26 augustus 2019 blijkt dat het praktisch bewezen is dat [minderjarige] de biologische dochter is van [vader van de minderjarige] .
- In een notariële verklaring van 27 maart 2020 verklaart verzoekster dat zij de biologische moeder is van [minderjarige] .