ECLI:NL:RBDHA:2021:9409
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking verblijfsvergunning wegens verbroken relatie en schending hoorplicht
Eiseres, houdster van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd als partner van referent, kreeg haar vergunning ingetrokken per 3 november 2019 op basis van de mededeling van referent dat de relatie was verbroken en zij naar Egypte was teruggekeerd.
Eiseres betwistte dit en stelde dat haar vertrek tijdelijk was vanwege familieomstandigheden en dat zij na terugkeer weer bij referent was ingetrokken. Tevens stelde zij dat referent een echtscheidingsprocedure had gestart zonder haar medeweten en dat zij slachtoffer was van huiselijk geweld.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de vergunning introk omdat de relatie was verbroken, maar dat het besluit gebrekkig was gemotiveerd omdat verweerder onvoldoende rekening hield met de door eiseres overgelegde bewijsstukken en omstandigheden. Daarnaast was de hoorplicht in bezwaar geschonden doordat eiseres niet is gehoord zonder geldige motivering.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen waarbij eiseres alsnog wordt gehoord. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens schending van de hoorplicht en onvoldoende motivering.