ECLI:NL:RBDHA:2021:9412
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing mvv-aanvraag wegens schending hoorplicht en beoordeling afhankelijkheidsrelatie
Eiseres, met de Dominicaanse nationaliteit, vroeg om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij haar broer, die volledig afhankelijk is van zorg, te verblijven. De aanvraag werd afgewezen omdat verweerder oordeelde dat er geen meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie bestond tussen eiseres en haar broer, mede omdat de broer al jaren door zorginstanties wordt verzorgd en er geen exclusieve zorg door eiseres is.
De rechtbank stelde vast dat verweerder de hoorplicht in de bezwaarprocedure had geschonden door eiseres niet te horen, terwijl er wel aanleiding was voor nader onderzoek. Hierdoor werd het bestreden besluit vernietigd. Vervolgens beoordeelde de rechtbank het begrip meerderjarigheid en de afhankelijkheidsrelatie. Verweerder had terecht de kalenderleeftijd als uitgangspunt genomen en het ontbreken van medische onderbouwing voor geestelijke minderjarigheid van de broer meegewogen.
De rechtbank concludeerde dat er geen meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie was, mede omdat de zorg ook door anderen wordt verleend, de emotionele en financiële banden niet uitzonderlijk zijn, en de situatie van de broer niet zodanig verslechtert dat dit een verblijfsrecht zou rechtvaardigen. Daarom blijven de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens schending van de hoorplicht, maar de rechtsgevolgen blijven in stand vanwege het ontbreken van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie.