Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De beslissing
nietstrafbaar;
Rechtbank Den Haag
Op 31 augustus 2021 heeft de rechtbank Den Haag een 52-jarige man veroordeeld voor mishandeling en bedreiging gepleegd in 2018 tegen behandelaars van een GGZ-instelling. De verdachte leed aan schizofrenie en een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Deskundigen concludeerden dat hij ten tijde van de feiten volledig ontoerekeningsvatbaar was.
De rechtbank nam kennis van de Pro Justitia rapportages uit 2019, waarin werd vastgesteld dat de verdachte niet in staat was zijn wil vrij te bepalen en dat de feiten hem niet konden worden toegerekend. De rechtbank oordeelde dat de rapportages nog actueel zijn en sloot zich aan bij de conclusie van volledige ontoerekeningsvatbaarheid.
Hoewel de feiten wettig en overtuigend bewezen zijn verklaard, werd de verdachte ontslagen van alle rechtsvervolging. Hij verblijft reeds in een GGZ-instelling en overplaatsing naar een forensisch psychiatrische afdeling werd niet noodzakelijk geacht. De rechtbank legde geen straf of maatregel op.
Uitkomst: Verdachte is volledig ontoerekeningsvatbaar verklaard en ontslagen van alle rechtsvervolging.