ECLI:NL:RBDHA:2022:10188
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag en oplegging inreisverbod wegens gevaar voor openbare orde
Eiser, een Somalische nationaliteit dragende man, diende in juni 2020 een asielaanvraag in nadat hij in 2008 Somalië had verlaten vanwege bedreigingen en geweld door een gewelddadige groepering. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond en legde een inreisverbod van tien jaar op, omdat eiser meerdere ernstige strafbare feiten had gepleegd, waaronder een gevangenisstraf in Duitsland voor verkrachting en veroordelingen in Nederland.
Eiser betoogde dat Mogadishu geen veilig vestigingsalternatief is vanwege de aanwezigheid van Al Shabaab en dat hij bij terugkeer ernstig gevaar loopt. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht aannam dat Mogadishu een vestigingsalternatief vormt en dat eiser onvoldoende had onderbouwd waarom dit voor hem niet geldt. Ook werd het aanvullende strafmaatvergelijkend onderzoek dat verweerder had uitgevoerd als voldoende gemotiveerd beschouwd.
De rechtbank stelde vast dat eiser een gevaar vormt voor de openbare orde vanwege zijn strafrechtelijke verleden en recidive. Het inreisverbod werd gegrond verklaard, mede omdat geen inhoudelijke gronden tegen het verbod waren aangevoerd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.