2.1.Verweerder vindt het eerste element geloofwaardig. Verweerder vindt het tweede
element niet geloofwaardig. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij in Nigeria problemen heeft als gevolg van de lidmaatschap van zijn vader bij geheime genootschap [genootschap].
Wat vindt eiser in beroep?
3. Eiser is het niet eens met het besteden besluit. Het nader gehoor heeft onzorgvuldig
plaatsgevonden, waardoor hij in zijn belangen is geschaad. De tolk was niet begrijpelijk, omdat hij niet het Pidgin-Engels sprak dat gangbaar is in Nigeria. Hij wil opnieuw gehoord worden door een tolk ‘[tolk]’. Er heeft verder ten onrechte geen Forensisch Medisch Onderzoek (FMO) plaatsgevonden. Eiser verzoekt verweerder om onderzoek te doen naar zijn littekens. Verder heeft verweerder eiser ten onrechte tegengeworpen dat hij vaag, summier en ongerijmd heeft verklaard. De door verweerder tegengeworpen verklaringen kunnen hieraan niet ten grondslag worden gelegd gezien de onzorgvuldigheid waarmee het gehoor heeft plaatsgevonden. Verder mag verweerder niet van eiser verlangen dat hij meer zou kunnen verklaren over bepaalde onderwerpen als eiser die kennis helemaal niet heeft.
Wat is het oordeel van de rechtbank?
4. De rechtbank stelt voorop dat eisers beroepsgronden grotendeels een herhaling zijn
van hetgeen hij reeds in zijn zienswijze naar voren heeft gebracht. Verweerder is in het bestreden besluit, waar het voornemen onderdeel van uitmaakt, gemotiveerd ingegaan op eisers zienswijze. Nu eiser niet heeft geconcretiseerd op welke wijze verweerders overwegingen de rechterlijke toets niet kunnen doorstaan, kan deze enkele herhaling van stellingen niet slagen.
5. De rechtbank volgt het standpunt van eiser dat het gehoor onzorgvuldig heeft
plaatsgevonden niet. Uit het nader gehoor blijkt weliswaar dat er op momenten sprake is geweest van miscommunicatie, maar niet op een zodanige manier dat moet worden geconcludeerd dat het gehoor onzorgvuldig is geweest. De rechtbank stelt vast dat eiser tijdens het gehoor meermalen is gevraagd of het gehoor goed verliep en of hij een tolk ‘[tolk]’ wilde. Eiser heeft tijdens het gehoor in reactie hierop echter uitdrukkelijk verklaard dat hij de tolk goed kan verstaan en begrijpen in het Pidgin-Engels en ook na afloop van het gehoor heeft eiser desgevraagd bevestigd dat hij de tolk goed heeft verstaan en begrepen. Daarbij hebben het aanmeldgehoor Dublin en een gedeelte van het aanmeldgehoor ook plaatsgevonden met een tolk in het Pidgin Engels. Er is dan ook niet gebleken dat eiser zich niet goed verstaanbaar kan maken in het Pidgin-Engels. Onder deze omstandigheden kan niet worden geconcludeerd dat het nader gehoor onzorgvuldig was of dat eiser in zijn belangen is geschaad. Daarbij betrekt de rechtbank dat eiser in de correcties en aanvullingen zijn verklaringen tijdens het gehoor heeft kunnen verduidelijken. De stelling ter zitting dat eiser ten tijde van het gehoor nog niet wist hoe de tolk zijn verklaringen heeft vertaald leidt dan ook niet tot een ander oordeel.
6. Verder is de rechtbank ten aanzien van het verzoek om een FMO van oordeel dat eiser niet heeft onderbouwd dat hij ten gevolge van zijn verwondingen/littekens niet heeft kunnen verklaren over de gebeurtenissen die aanleiding hebben gegeven tot zijn vertrek
.Eiser heeft dan ook niet aannemelijk gemaakt dat hij niet gehoord kon worden wegens psychische klachten. Verweerder was onder deze omstandigheden niet gehouden een FMO aan te bieden.
7. De rechtbank overweegt tot slot dat verweerder niet ten onrechte het asielrelaas van
eiser ongeloofwaardig heeft gevonden. Verweerder heeft in redelijkheid kunnen concluderen dat eiser vage, summiere en ongerijmde verklaringen heeft afgelegd over de gebeurtenissen die aanleiding hebben gegeven tot zijn vertrek.