Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], uit [woonplaats], eiseres,
Procesverloop
Wat er aan deze procedure voorafging
Wat eiseres vindt
Waarover het gaat in deze zaak
Wat de rechtbank vindt
.De rechtbank vindt dat het UWV terecht heeft beslist dat eiseres op 22 maart 2021 voor 17,36% arbeidsongeschikt is en dus geen recht heeft op een WIA-uitkering. De rechtbank zal dat uitleggen.
.Voor zover eiseres in haar beroepschrift verwijst naar dat wat zij in bezwaar heeft aangevoerd, overweegt de rechtbank dat het aan eiseres is om in beroep gemotiveerd en specifiek aan te voeren waarom zij het niet eens is met het bestreden besluit. De verwijzing naar het bezwaarschrift wordt niet als zo’n gemotiveerde en specifieke betwisting opgevat. Daarop is immers gereageerd in het bestreden besluit. Eiseres zal dus moeten aanvoeren waarom zij het met die reactie niet eens is. Gelet hierop zal de rechtbank de beoordeling van het beroep plaatsen in het licht van de in beroep nader uitgewerkte gronden en niet in het licht van hetgeen in bezwaar is aangevoerd.
.In beroep heeft eiseres medische informatie ingebracht van twee orthopedisch chirurgen, een plastisch chirurg, huisarts, fysiotherapeut en neurochirurg. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft in zijn aanvullende rapport van 18 januari 2022 gemotiveerd dat deze informatie geen aanleiding geeft om het standpunt te wijzigen.
.De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft in het rapport van 2 augustus 2021 uiteengezet waarom de conclusie van de verzekeringsarts over de belastbaarheid van eiseres in stand kan blijven. Hij onderschrijft het standpunt dat er benutbare mogelijkheden zijn. Wat betreft de nekklachten geeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep aan dat eiseres de nek wel volledig lijkt te kunnen bewegen, maar dit vermijdt uit angst voor pijn. Maar ook dan is de beweeglijkheid nog wel dusdanig dat er geen beperking nodig is in de FML. Verder blijken uit het lichamelijk onderzoek en de observaties van de verzekeringsarts geen beperkingen aan de linkerpols. De klachten zijn niet objectiveerbaar.
.De rechtbank vindt dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep voldoende heeft uitgelegd waarom de in beroep overgelegde stukken geen reden vormen om meer beperkingen aan te nemen. Hij heeft voor zowel de nek- als polsklachten toegelicht dat de situatie zoals deze bekend is bij de behandelaren al is meegewogen in de beoordeling. Verder leidt de informatie niet tot nieuwe inzichten.
De conclusie van de rechtbank
Beslissing
.