Uitspraak
Beschikking op een machtigingsverzoek
[curator 1],
[betrokkene],
Procedure
- het verzoekschrift van de curatoren van 22 mei 2022;
- de aantekeningen van de griffier van het verhandelde ter zitting van 7 september 2022 (telefonisch).
Rechtbank Den Haag
Betrokkene, die sinds 1983 onder curatele staat wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand, beschikt over een aanzienlijk vermogen van circa €950.000. De curatoren hebben verzocht om machtiging om een testament voor hem op te maken, waarin de nalatenschap verdeeld wordt onder diverse goede doelen.
De kantonrechter heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 4:55 lid 2 en Pro 3 van het Burgerlijk Wetboek, dat bepaalt dat iemand onder curatele slechts met toestemming uiterste wilsbeschikkingen kan maken indien hij in staat is zijn wil te bepalen omtrent het testament. Uit het dossier en verklaringen van curatoren blijkt dat betrokkene niet in staat is de inhoud van het verzoek te begrijpen noch zijn wil te bepalen.
Daarom acht de kantonrechter het niet zinvol betrokkene te horen en wijst het verzoek om toestemming af. De curatoren blijven wettelijk erfgenaam, tenzij betrokkene alsnog bekwaam wordt geacht. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om toestemming voor het opmaken van een testament voor betrokkene onder curatele wordt afgewezen wegens onbekwaamheid.