Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 juni 2022 in de zaak tussen
[eiser], uit [woonplaats], eiser
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Den Haag
Eiser ontvangt sinds oktober 2018 een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO-aanvulling). Verweerder heeft het recht op deze AIO-aanvulling herzien omdat eiser niet heeft gemeld dat hij inkomsten uit een Turks pensioen ontvangt, die maandelijks op zijn Turkse bankrekening worden gestort. Hierdoor is vastgesteld dat eiser in de periode oktober 2018 tot en met december 2019 een te hoog bedrag aan AIO-aanvulling heeft ontvangen.
Eiser betoogt dat het pensioen niet tot zijn middelen behoort omdat zijn ernstig zieke echtgenote in Turkije hiervan leeft en hij het pensioen niet in Nederland kan ontvangen vanwege zijn politieke veroordeling en verblijfstatus. De rechtbank oordeelt dat eiser redelijkerwijs over het pensioen kan beschikken, bijvoorbeeld door overmaking via een relatie of geldtransfer, en dat het pensioen op zijn naam staat. Het niet melden van dit inkomen vormt een schending van de inlichtingenplicht.
Verweerder heeft de herziening van het recht op AIO-aanvulling op grond van de Participatiewet terecht doorgevoerd. De door eiser aangevoerde dringende redenen om de herziening te beperken worden niet geaccepteerd. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt verweerder niet tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de herziening van de AIO-aanvulling wegens niet gemeld Turks pensioen wordt ongegrond verklaard.