ECLI:NL:RBDHA:2022:10637
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen op grond van de Dublinverordening. De voorzieningenrechter overweegt dat onverwijlde spoed is vereist omdat het beroep niet binnen de overdrachtstermijn kan worden behandeld.
De voorzieningenrechter weegt het belang van verzoeker om bij de behandeling van zijn beroep aanwezig te zijn zwaarder dan het belang van de staatssecretaris om verzoeker vooraf over te dragen aan de verantwoordelijke lidstaat. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk gegrond toegewezen en het bestreden besluit geschorst.
Daarnaast veroordeelt de voorzieningenrechter de staatssecretaris in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op €759,-. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is niet vatbaar voor beroep of hoger beroep.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geschorst en verzoeker mag de behandeling van zijn beroep in Nederland afwachten.