ECLI:NL:RBDHA:2022:10777
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van minderjarige wegens ernstige ontwikkelingsbedreiging
De kinderrechter heeft op 20 september 2022 uitspraak gedaan in een zaak betreffende een minderjarige die onder toezicht wordt gesteld en voor wie een machtiging tot uithuisplaatsing wordt verleend. De Raad voor de Kinderbescherming en de gecertificeerde instelling hebben ernstige zorgen geuit over de ontwikkeling van de minderjarige, met name vanwege complexe echtscheidingsproblematiek en de psychische gesteldheid van de moeder. De moeder heeft het contact met hulpverlening verbroken, waardoor onvoldoende zicht is op haar situatie.
De minderjarige verblijft feitelijk bij de vader en stiefmoeder, die instemmen met het verzoek. De moeder erkent haar psychische problemen maar verzet zich tegen gedwongen hulpverlening en machtiging tot uithuisplaatsing. De kinderrechter oordeelt dat de wettelijke gronden voor ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing aanwezig zijn, gezien de ernstige ontwikkelingsbedreiging door instabiliteit en spanningen in de thuissituatie.
De kinderrechter wijst het verzoek toe voor de duur van één jaar en machtigt de gecertificeerde instelling tot uithuisplaatsing bij de vader, om de feitelijke situatie te formaliseren en de veiligheid en ontwikkeling van de minderjarige te waarborgen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door belanghebbenden.
Uitkomst: De kinderrechter stelt de minderjarige onder toezicht en machtigt uithuisplaatsing bij de vader voor de duur van één jaar.