ECLI:NL:RBDHA:2022:11007
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens vertrek asielzoeker met onbekende bestemming
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft het beroep bestreden. Tijdens de zitting verscheen eiser niet en ook zijn gemachtigde was zonder bericht afwezig.
De rechtbank constateert dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact onderhoudt over de procedure. Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State kan dan worden aangenomen dat eiser geen prijs meer stelt op bescherming in Nederland.
Omdat de uitzondering waarbij de gemachtigde weet dat eiser nog in Nederland verblijft niet van toepassing is, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gedaan op 12 oktober 2022.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen procesbelang meer heeft.