ECLI:NL:RBDHA:2022:11008
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij niet-ontvankelijkheid beroep verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure. Dit verzoek is door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen als kennelijk ongegrond bij besluit van 14 maart 2022.
Tegen dit besluit is beroep ingesteld door verzoeker. Tevens heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft beide zaken op 12 oktober 2022 behandeld, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet zijn verschenen.
Na behandeling heeft de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen, omdat het onderliggende beroep niet-ontvankelijk was verklaard in een gelijktijdige uitspraak. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen vanwege niet-ontvankelijkheid van het onderliggende beroep.