ECLI:NL:RBDHA:2022:11058
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure. Deze aanvraag is bij besluit van 9 augustus 2021 door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen als ongegrond. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft besloten het onderzoek ter zitting niet voort te zetten en het onderzoek te sluiten. Op dezelfde dag is in een gerelateerde zaak uitspraak gedaan op het beroep, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk werd geacht.
Daarom heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 14 maart 2022 en is definitief, hoger beroep of verzet is niet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.