ECLI:NL:RBDHA:2022:11062
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid relaas partner FARC-dreiging
Eiseres, een Colombiaanse vrouw, heeft op 4 november 2021 een asielaanvraag ingediend in Nederland. Haar asielverzoek is gebaseerd op een dreiging van de FARC tegen haar en haar partner, die wordt beschuldigd van informantschap voor het Colombiaanse leger. De partner zou tweemaal dreigbrieven hebben ontvangen waarin hun dood en de rekrutering van hun zoon worden aangekondigd.
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft het asielverzoek afgewezen omdat de problemen met de FARC niet geloofwaardig werden geacht. Dit oordeel steunde mede op het besluit over de partner van eiseres, waarbij werd vastgesteld dat diens relaas onvoldoende aannemelijk was. Eiseres kon niet overtuigend uitleggen waarom haar partner doelwit was en hoe de FARC hem in de gaten hield.
De rechtbank bevestigt dat het relaas van de partner niet geloofwaardig is en volgt daarmee het oordeel van verweerder. Omdat het verhaal van eiseres afhankelijk is van dat van haar partner, acht de rechtbank ook haar relaas ongeloofwaardig. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege ongeloofwaardigheid van het relaas.