ECLI:NL:RBDHA:2022:11173

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
13 oktober 2022
Publicatiedatum
27 oktober 2022
Zaaknummer
10123115 \ RL EXPL 22-15770
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 93 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling bevoegdheid kantonrechter bij ontruiming voormalige echtelijke woning

In deze zaak vordert eiser de ontruiming van de voormalige echtelijke woning en afgifte van kentekenbewijzen van landbouwvoertuigen. De woning is gemeenschappelijk eigendom van partijen en geen sprake van een huurovereenkomst. De kantonrechter moet eerst beoordelen of hij bevoegd is.

De kantonrechter oordeelt dat de zaak niet onder zijn bevoegdheid valt omdat de vordering tot ontruiming een vordering van onbepaalde waarde is die vermoedelijk hoger is dan € 25.000,- en geen huurzaken betreft zoals bedoeld in artikel 93 Rv Pro. Daarom is de kantonrechter onbevoegd.

De kantonrechter verklaart zich onbevoegd en veroordeelt eisers in de proceskosten van € 187,--. Het vonnis is uitgesproken op 13 oktober 2022.

Uitkomst: Kantonrechter verklaart zich onbevoegd en wijst de vordering af, eisers veroordeeld in proceskosten.

Uitspraak

Rechtbank den haag

zittingsplaats 's-Gravenhage
MG/bc
Zaak-/rolnummer: 10123115 \ RL EXPL 22-15770
Op 13 oktober 2022 is mr. M.E. Groeneveld-Stubbe, kantonrechter, bijgestaan door
mr. M.H. Pot, griffier, overgegaan tot de mondelinge behandeling in de zaak tussen:

1.[eiser] ,wonende te [woonplaats] ,2. [eiseres] ,wonende te [woonplaats] ,3. de vennootschap onder firma [naam vof] ,gevestigd te [vestigingsplaats] ,

eisers,
gemachtigde: mr. T.A. Timmermans,
tegen
[gedaagde] ,wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
gemachtigde: mr. M.J.S. Spanjersberg.
Partijen worden hierna aangeduid als (gezamenlijk) “ [eisers] .”, “ [eiser] ” (als eiser sub 1) en “ [gedaagde] ”.
Ter zitting zijn (namens zichzelf en namens de V.O.F.) verschenen [eiser] en [eiseres] bijgestaan door mr. T.A. Timmersmans. [gedaagde] is verschenen bijgestaan door mr. M.J.S. Spanjersberg.
Nadat partijen hun standpunten hebben toegelicht, heeft de kantonrechter mondeling vonnis gewezen waarvan dit proces-verbaal een zakelijke weergave is.

1.Procedure

1.1.
De kantonrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken:
  • de dagvaarding van 7 oktober 2022 met producties 1 tot en met 7;
  • de brief van mr. Timmermans van 10 oktober 2022 met productie 8;
  • de akte overlegging producties van de zijde van [gedaagde] .

2.Feiten, geschil en beoordeling

2.1.
[gedaagde] en [eiser] zijn ex-echtelieden. Op 17 november 2021 is de echtscheiding uitgesproken. Voor het beëindigen van hun huwelijk waren partijen woonachtig in de bedrijfswoning aan de [adres] te [plaats] . [gedaagde] is in deze woning blijven wonen en [eiser] is verhuisd naar een huurwoning in [plaats] . Hij heeft een tijdelijke huurovereenkomst tot 18 december 2022.
2.2.
In deze kort geding procedure vordert [eiser] dat [gedaagde] wordt veroordeeld om de woning aan de [adres] binnen 14 dagen te ontruimen op straffe van een dwangsom van € 500,-- per dag. Daarnaast vordert hij afgifte van de kentekenbewijzen van een drietal landbouwvoertuigen, eveneens op straffe van een dwangsom van € 500,-- per dag.
[gedaagde] heeft verweer gevoerd.
2.3.
Allereerst moet worden beoordeeld of de kantonrechter in dit geval bevoegd is. De kantonrechter is van oordeel dat dat niet het geval is. Artikel 93 Rv Pro bepaalt in welke gevallen de kantonrechter bevoegd is, te weten in zaken betreffende vorderingen met een beloop van ten hoogste € 25.000,-, vorderingen van onbepaalde waarde indien er duidelijke aanwijzingen bestaan dat de vordering geen hogere waarde vertegenwoordigt dan
€ 25.000,-, zaken betreffende de onderwerpen genoemd in artikel 93, sub c, Rv (waaronder huurzaken) en andere zaken waarvan de wet dit bepaalt.
2.4.
De onderhavige woning ziet op ontruiming van de voormalige echtelijke woning. Deze woning is gelet op de huwelijkse voorwaarden gemeenschappelijk eigendom van partijen. Anders dan [eiser] betoogt (en door [gedaagde] wordt betwist) is van een huurovereenkomst met betrekking tot deze woning geen sprake. Een vordering tot ontruiming is een vordering van onbepaalde waarde waarvan niet gezegd kan worden dat er aanwijzingen zijn dat deze geen hogere waarde dan € 25.000,- vertegenwoordigt. Dat betekent dat deze zaak niet binnen de bevoegdheid van de kantonrechter valt en dus ten onrechte bij de kantonrechter is aangebracht.
2.5.
Gelet op het voorgaande verklaart de kantonrechter zich onbevoegd om van dit geschil kennis te nemen.
2.6.
[eisers] . worden als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten.

3.Beslissing

De kantonrechter
3.1.
verklaart zich onbevoegd om van het geschil kennis te nemen;
3.2.
veroordeelt [eisers] . in de proceskosten die aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op € 187,-- aan kosten van de gemachtigde;
3.3.
verklaart dit vonnis voor wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;
Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. M.E. Groeneveld-Stubbe en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 oktober 2022.