ECLI:NL:RBDHA:2022:11291
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot oplegging dwangakkoord tegen ABN AMRO wegens problematische schulden
De heer [naam01] verkeert in een problematische schuldensituatie met een totale schuld van €204.634,99 verdeeld over vijftien schuldeisers. Hij heeft een schuldregeling voorgesteld waarbij een deel van de vorderingen wordt voldaan en het restant wordt kwijtgescholden. ABN AMRO, schuldeiser met de grootste vordering van €113.916,92, stemde niet in met het voorstel.
De heer [naam01] verzocht de rechtbank om een dwangakkoord op te leggen zodat ABN AMRO gedwongen wordt mee te werken aan de regeling. De rechtbank stelde vast dat de schuldbemiddeling door de gemeente Delft correct was uitgevoerd en dat het voorstel goed gedocumenteerd en controleerbaar was.
Na belangenafweging oordeelde de rechtbank dat de weigering van ABN AMRO onredelijk is, mede omdat het voorstel het maximaal haalbare is gezien de afloscapaciteit van de heer [naam01]. De meerderheid van de schuldeisers stemde in met het akkoord, dat bovendien gunstiger is dan de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP).
De rechtbank wees het verzoek tot toelating tot de WSNP af omdat het dwangakkoord wordt toegewezen. ABN AMRO werd bevolen in te stemmen met de schuldregeling, waarmee de heer [naam01] uitzicht krijgt op een schuldenvrije toekomst.
Uitkomst: De rechtbank legt een dwangakkoord op en beveelt ABN AMRO mee te werken aan de schuldregeling.