ECLI:NL:RBDHA:2022:11352
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- S.J. Hoekstra - van Vliet
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen inzake aanpassing beslagbedrag en executiestaking ontnemingsvordering
Eiser is veroordeeld tot een ontnemingsmaatregel en er is een strafrechtelijk beslag gelegd op een Hongaarse rechtspersoon waarvan eiser aandeelhouder en bestuurder is. Het oorspronkelijke beslag bedroeg circa € 1,479,270, maar de ontnemingsmaatregel is verlaagd tot € 469,207, met een openstaand bedrag van € 452,378. Eiser wil dat de Staat de Hongaarse autoriteiten informeert over dit lagere bedrag om verkoop van zijn aandelen mogelijk te maken en de executie te staken.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de Staat verplicht is tot spoedige tenuitvoerlegging van de ontnemingsmaatregel en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat een onderhandse verkoop op korte termijn het volledige bedrag zou voldoen. De Staat hoeft het beslagbedrag niet vooraf aan te passen en mag het confiscatiebevel nog niet verzenden in afwachting van deze procedure.
De rechter stelt dat het confiscatiebevel de juiste informatie zal bevatten en dat eiser nog voldoende tijd heeft om andere mogelijkheden te onderzoeken. De vorderingen worden afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af en veroordeelt eiser in de proceskosten.