ECLI:NL:RBDHA:2022:11378
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening inzake Fraude Registratie Systeem niet-ontvankelijk verklaard
Verzoeker diende een urgent verzoekschrift in voor rechtsbijstand met betrekking tot een besluit van de Belastingdienst over inzage in persoonsgegevens. De rechtbank vroeg om verduidelijking, omdat het verzoek onduidelijk was en meerdere procedures leek te omvatten.
Verzoeker communiceerde veelvuldig met de rechtbank, maar gaf geen concrete invulling van zijn verzoek. De rechtbank bood aan het verzoek op een zitting te bespreken, maar verzoeker wenste dit niet.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het griffierecht niet tijdig was betaald en dat verzoeker geen verontschuldiging gaf. Daarnaast ontbraken essentiële stukken zoals het volledige besluit en het bezwaarschrift. Hierdoor werd het verzoek niet-ontvankelijk verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van griffierecht en formele gebreken.