ECLI:NL:RBDHA:2022:11765
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag
Verzoeker diende op 19 mei 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 27 september 2021. Tijdens de procedure heeft verweerder alsnog op 8 september 2022 een beslissing genomen op de asielaanvraag. Hierdoor heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een bestuursorgaan kan worden veroordeeld in de proceskosten indien het alsnog aan het verzoek van de indiener tegemoetkomt. De rechtbank stelt vast dat verweerder aan verzoeker is tegemoetgekomen door alsnog een beslissing te nemen tijdens het beroep.
De rechtbank acht het verzoek om vergoeding van proceskosten gegrond en veroordeelt verweerder tot betaling van €379,50 aan proceskosten. Deze kosten zijn vastgesteld op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) met een wegingsfactor van 0,5, passend bij het lichte karakter van het beroep dat alleen betrekking had op het niet tijdig nemen van een besluit.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €379,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.