Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, is in bewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege een concreet aanknopingspunt voor overdracht aan Oostenrijk volgens de Dublinverordening en een risico op het onttrekken aan toezicht.
Eiser betwist de gronden van bewaring niet, maar stelt dat verweerder onvoldoende voortvarend heeft gehandeld door niet direct na inbewaringstelling op 1 april 2022 actieve overdrachtshandelingen te verrichten, terwijl bekend was dat overdracht aan Oostenrijk noodzakelijk was.
De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende voortvarend heeft gehandeld: na inbewaringstelling volgden vertrekgesprek en Dublinbesluit binnen enkele dagen, en verdere overdrachtshandelingen konden pas na het afwachten van eventuele beroepsprocedures worden verricht. De wettelijke termijn van zes maanden voor overdracht was nog niet verstreken.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.