ECLI:NL:RBDHA:2022:11870
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing 30%-regeling voor ingekomen werknemer met tijdelijke verblijfsperiode in Nederland
Eiseres, een Canadese nationaliteit houdende postdoctoraal onderzoeker, was vanaf september 2018 tot augustus 2020 onbezoldigd werkzaam in Nederland onder een visiting agreement. Zij was vanaf oktober 2018 ingeschreven in de Basisregistratie Personen, maar had geen duurzame band met Nederland. Op 1 september 2020 trad zij in dienst bij een medisch centrum en vroeg zij toepassing van de 30%-regeling aan per die datum.
De Belastingdienst wees het verzoek af omdat eiseres volgens hen niet voldeed aan de voorwaarden van een ingekomen werknemer zoals bedoeld in artikel 10e, tweede lid, onderdeel b, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965. De rechtbank oordeelde dat eiseres voldoende aannemelijk had gemaakt dat zij in de 24 maanden voorafgaand aan haar dienstverband in Nederland woonde op meer dan 150 kilometer afstand van de grens en dat zij pas vanaf augustus 2020 een duurzame band met Nederland had.
De rechtbank vernietigde daarom de beschikking en wees het verzoek tot toepassing van de 30%-regeling toe met ingang van 1 september 2020. Tevens werd de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak benadrukt het belang van de feitelijke omstandigheden en intenties bij de beoordeling van de woonplaats en fiscale woonstatus.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de 30%-regeling wordt toegewezen met ingang van 1 september 2020.