Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 759,-.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Spanje volgens de Dublin-verordening verantwoordelijk is voor de asielprocedure.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 26 april 2022, waarbij partijen niet verschenen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat nu de bodemzaak is behandeld en uitspraak is gedaan, een voorlopige voorziening niet langer nodig is en wees het verzoek af. Wel veroordeelde de voorzieningenrechter de Staatssecretaris tot betaling van de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 759,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de Staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van € 759,- proceskosten.