Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser kreeg op 5 april 2022 een maatregel van bewaring opgelegd wegens risico op het onttrekken aan toezicht. Eiser betwistte de zware gronden, met name of hij Nederland daadwerkelijk en effectief had verlaten na intrekking van zijn verblijfsrecht op 22 oktober 2021. De rechtbank stelde vast dat eiser weliswaar binnen de gestelde termijn naar Polen was vertrokken, maar dat hij begin april 2022 weer in Nederland werd aangetroffen zonder zich te melden bij de autoriteiten.
De rechtbank oordeelde dat het verblijf van eiser in Nederland feitelijk een voortzetting was van het vorige verblijf, zonder dat hij een bestaan in Polen had opgebouwd. Hierdoor was sprake van een risico op onttrekking aan toezicht, rechtvaardigend de maatregel van bewaring. De zware gronden onder 3a en 3b waren feitelijk juist en voldoende gemotiveerd.
Omdat de maatregel inmiddels was opgeheven, beperkte de beoordeling zich tot de vraag of onrechtmatigheid bestond die schadevergoeding rechtvaardigde. Dit werd ontkennend beantwoord. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring en het verzoek om schadevergoeding worden afgewezen.