ECLI:NL:RBDHA:2022:12283
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tijdelijke doorhaling inschrijving tolkenregister wegens verdenking schending geheimhoudingsplicht
Eiseres, beëdigd tolk Nederlands-Tamil en Engels-Tamil, werd tijdelijk uit het Register beëdigde tolken en vertalers doorgehaald vanwege een verdenking van schending van de geheimhoudingsplicht tijdens tapgesprekken bij de politie.
De politie meldde dat eiseres informatie had gedeeld met derden over een lopend opsporingsonderzoek, wat haar integriteit en vakbekwaamheid in gevaar bracht. Verweerder, de Minister van Justitie en Veiligheid, maakte gebruik van zijn bevoegdheid om de inschrijving tijdelijk te doorhalen gedurende het strafrechtelijk onderzoek.
Eiseres stelde dat het besluit disproportioneel was, dat zij onterecht niet vooraf was gehoord, en dat de onschuldpresumptie werd geschonden. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht uitging van het politierapport en dat de tijdelijke doorhaling niet onevenredig was gezien het belang van geheimhouding in het tolkenberoep.
De rechtbank verwierp het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening, waarbij werd benadrukt dat de belangen van eiseres ondergeschikt zijn aan het algemene belang van een betrouwbaar tolkenregister. De mogelijkheid tot opheffing van de doorhaling tijdens het onderzoek werd erkend, hoewel deze niet expliciet wettelijk is geregeld.
Uitkomst: Het beroep tegen de tijdelijke doorhaling van de inschrijving in het tolkenregister wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.