Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- eiser is illegaal Nederland ingereisd. Niet is gebleken dat eiser Nederland met een daartoe strekkend visum of een ander daartoe strekkend document legaal is ingereisd;
- eiser heeft eerder een aanvraag voor een verblijfsvergunning in Nederland ingediend, deze is afgewezen;
- eiser heeft bij zijn voorgaande aanvraag (aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd) gebruik gemaakt van een andere identiteit;
- eiser heeft voorafgaande aan onderhavige aanvraag langdurig illegaal in Nederland verbleven. Niet is gebleken nadat de aanvraag asiel werd afgewezen en eiser Nederland moest verlaten hij dat heeft gedaan;
- eiser is niet ingeschreven in de BRP. Dit wekt bevreemding. Niet valt in te zien waarom eiser zich tot op heden nog niet heeft ingeschreven op het adres van de BRP
- eiser stelt in de relatieverklaring al per mei 2019 samen te wonen en een gemeenschappelijke huishouding te voeren. Het is dezerzijds opmerkelijk dat eiser pas op 20 juli 2020 onderhavige aanvraag heeft ingediend, te meer eiser illegaal in Nederland verbleef;
- het is opmerkelijk dat de hoofdbewoner van het woonadres van eiser en referente pas op 31 oktober 2019 schriftelijk toestemming heeft gegeven dat eiser bij hem op zijn adres mag verblijven, aangezien eiser en referente daar beiden stellen al sinds mei 2019 te verblijven;
- gebleken is dat op het gestelde woonadres van eiser en zijn referent nog ten minste 2 andere volwassen personen en 2 minderjarige kinderen staan ingeschreven.