ECLI:NL:RBDHA:2022:12438
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening en proceskostenveroordeling in asielzaak Dublin Italië
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Italië volgens het Dublin-verdrag verantwoordelijk is voor de behandeling.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. Vervolgens trok verzoeker het verzoek om voorlopige voorziening in, met het verzoek om de verweerder te veroordelen in de proceskosten.
De voorzieningenrechter overwoog dat bij intrekking van een verzoek om voorlopige voorziening de rechtbank op verzoek van de indiener het bestuursorgaan in de proceskosten kan veroordelen, tenzij er geen aanleiding toe is. Omdat er geen sprake was van tegemoetkomen aan het verzoek om voorlopige voorziening, wees de voorzieningenrechter het verzoek om proceskostenveroordeling af.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter M.P. Glerum en griffier M.A.W.M. Engels en is uitgesproken in het openbaar op 8 juni 2022. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening en proceskostenveroordeling wordt afgewezen.