Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Libische nationaliteit, werd op 25 mei 2022 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege een concrete aanknopingspunt voor overdracht aan Spanje volgens de Dublinverordening en een risico op het onttrekken aan toezicht.
Eiser voerde aan dat hij onterecht in bewaring werd gesteld omdat hij op weg was naar Ter Apel voor een asielaanvraag en dat hij de beschikking van 4 april 2022 niet tijdig had ontvangen, waardoor hem niet kan worden verweten dat hij zich aan toezicht onttrok. De rechtbank oordeelde dat de zware gronden 3a en 3b voldoende feitelijk zijn onderbouwd, mede omdat eiser geen documenten over identiteit en nationaliteit had en geen inreisstempel voor het Schengengebied.
De rechtbank verwierp het verweer dat de overdracht aan Spanje onzorgvuldig was voorbereid en dat DT&V druk had uitgeoefend, omdat de feitelijke overdracht losstaat van de rechtmatigheid van de bewaring.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van vreemdelingenbewaring en het verzoek om schadevergoeding worden afgewezen.