ECLI:NL:RBDHA:2022:12634
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen terugkeerbesluit met Tunesië als land van terugkeer ongegrond verklaard
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een terugkeerbesluit van 13 mei 2022 waarin verweerder heeft bepaald dat eiser moet terugkeren naar Tunesië. Eiser stelt dat hij de Algerijnse nationaliteit heeft en dat het terugkeerbesluit onduidelijk is omdat Tunesië onjuist als land van terugkeer is vermeld. Verweerder baseert het besluit op eerdere verklaringen van eiser waarin hij de Tunesische nationaliteit heeft opgegeven en op correspondentie met Tunesische autoriteiten.
De rechtbank overweegt dat het terugkeerbesluit het land van terugkeer moet vermelden en dat verweerder terecht uitging van de Tunesische nationaliteit, mede omdat eiser onvoldoende bewijs heeft geleverd van zijn Algerijnse nationaliteit. Eiser heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat hij actie heeft ondernomen om documenten te verkrijgen ter onderbouwing van zijn nationaliteit.
Verder heeft verweerder de telefoon van eiser ingenomen voor nader onderzoek om mogelijk alsnog bevestiging van de Tunesische nationaliteit te verkrijgen. De rechtbank oordeelt dat verweerder het terugkeerbesluit met Tunesië als land van terugkeer mag handhaven en dat eiser het onderzoek kan afwachten of zijn nationaliteit kan onderbouwen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit met Tunesië als land van terugkeer wordt ongegrond verklaard.