ECLI:NL:RBDHA:2022:12926
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Intrekking terugkeerbesluit en inreisverbod met schadevergoeding en proceskostenvergoeding
De zaak betreft een beroep van eiser tegen een terugkeerbesluit en een inreisverbod opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 18 juni 2022. Daarnaast was op die datum ook een maatregel van bewaring opgelegd, welke op 24 juni 2022 werd opgeheven door verweerder. Het beroep tegen de bewaring werd door eiser voor de zitting ingetrokken.
In een brief van 24 juni 2022 informeerde verweerder de gemachtigde van eiser dat het besluit van 18 juni 2022, inclusief het inreisverbod en het terugkeerbesluit, werd ingetrokken. Tijdens de zitting bevestigde de gemachtigde van verweerder dat de intrekking het gehele besluit betrof.
Verweerder bood tevens een schadevergoeding aan voor de periode van 18 tot 24 juni 2022, bestaande uit een bedrag van €130 voor verblijf in een politiecel en €600 voor verblijf in een huis van bewaring, totaal €730. Daarnaast werd een proceskostenvergoeding van €2.277 aangeboden.
Na deze intrekking trok eiser het beroep met zaaknummer NL22.11494 in. De rechtbank verklaarde het beroep daarmee niet-ontvankelijk en nam kennis van de intrekking en de aangeboden vergoedingen.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en inreisverbod is ingetrokken na intrekking van het besluit en toekenning van schadevergoeding en proceskostenvergoeding.