ECLI:NL:RBDHA:2022:13299
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak LHBTI-verzoeker uit Mongolië
Verzoeker, een asielzoeker uit Mongolië die tot de LHBTI-gemeenschap behoort, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag af te wijzen als kennelijk ongegrond.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 14 oktober 2022. Verzoeker was hierbij aanwezig en werd bijgestaan door zijn gemachtigde en een tolk.
De voorzieningenrechter overwoog dat vanwege de gelijktijdige uitspraak in de hoofdzaak de voorlopige voorziening niet langer nodig was en wees het verzoek daarom af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak is gedaan op 5 december 2022 door mr. A.C.J. van Dooijeweert en is definitief, daartegen staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening in de asielzaak is afgewezen.