ECLI:NL:RBDHA:2022:13377
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens kennelijke ongegrondheid
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is afgewezen als kennelijk ongegrond in de verlengde procedure. Tegen dit besluit is beroep ingesteld en tegelijkertijd is een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 10 november 2022 behandeld. Verzoeker was aanwezig met zijn gemachtigde en een tolk, terwijl de verweerder werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Bij de uitspraak van vandaag wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af, mede omdat er reeds een uitspraak is gedaan op het beroep in de gerelateerde zaak. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvraag is afgewezen.