ECLI:NL:RBDHA:2022:13568
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot voortzetting uithuisplaatsing minderjarige in pleeggezin wegens zorgen over opvoeding en psychische gesteldheid moeder
De rechtbank Den Haag heeft op 2 december 2022 uitspraak gedaan over een verzoek tot machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige. De minderjarige verblijft sinds 4 november 2022 in een pleeggezin na een eerdere ondertoezichtstelling. De Raad voor de Kinderbescherming en de gecertificeerde instelling hebben zorgen geuit over de opvoedsituatie, mede door de psychische problematiek van de moeder en het ontbreken van een stabiele woonplek.
De moeder verblijft momenteel in een crisisopvang (KCAP) en heeft moeite om haar leven op orde te krijgen. De Raad acht het niet wenselijk om de minderjarige over te plaatsen naar de grootouders moederszijde, omdat niet duidelijk is of zij de benodigde zorg kunnen bieden en er spanningen zijn tussen de moeder en grootouders. De pleegplaats biedt rust, veiligheid en een stabiele hechtingsfiguur voor de minderjarige.
De moeder voert verweer en wenst dat de grootouders voor de minderjarige zorgen, benadrukt haar inzet om te herstellen en een stabiele situatie te creëren. De kinderrechter oordeelt echter dat de gronden voor voortzetting van de uithuisplaatsing aanwezig zijn en machtigt de gecertificeerde instelling tot plaatsing in het pleeggezin tot 25 januari 2023, de duur van de ondertoezichtstelling.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en hoger beroep kan binnen drie maanden worden ingesteld door belanghebbenden.
Uitkomst: De kinderrechter machtigt de voortzetting van de uithuisplaatsing van de minderjarige in het pleeggezin tot 25 januari 2023.