Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Marokkaanse vreemdeling, is op 4 november 2022 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank had eerder deze maatregel getoetst en verklaard rechtmatig tot het moment van het sluiten van het onderzoek.
In dit vervolgberoep betoogt eiser dat de staatssecretaris onvoldoende voortvarend handelt bij het realiseren van zijn uitzetting, aangezien hij meer dan een maand in bewaring zit zonder zicht op een geboekte vlucht. De rechtbank stelt echter vast dat direct na oplegging van de maatregel vertrekgesprekken zijn gevoerd, een claimverzoek aan de Spaanse autoriteiten is verzonden, en een overdrachtsbesluit is genomen. Ondanks het beroep van eiser tegen dit overdrachtsbesluit heeft de staatssecretaris spoedige behandeling van het beroep verzocht en verdere stappen ondernomen.
Gelet op het claimakkoord met Spanje is er volgens de rechtbank voldoende zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn. Het beroep tegen het voortduren van de maatregel wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.