ECLI:NL:RBDHA:2022:13918
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen intrekking bijstandsuitkering wegens ontbrekende gegevens
Verzoeker ontving een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet, die per 1 oktober 2022 werd ingetrokken door verweerder wegens het niet tijdig aanleveren van gevraagde gegevens. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de intrekking een spoedeisend belang heeft, maar dat op basis van de door verzoeker ingediende bankafschriften en verklaringen het recht op bijstand wel kan worden vastgesteld. De bankafschriften toonden transacties van wedkantoren en uitgaven voor levensonderhoud, ondanks de dakloze situatie van verzoeker.
Daarom werd het primaire besluit geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten van verzoeker. De uitspraak is definitief en staat geen hoger beroep of verzet tegen open.
Uitkomst: Het primaire besluit tot intrekking van de bijstandsuitkering is geschorst en verweerder is veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.