ECLI:NL:RBDHA:2022:1393
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing asielaanvraag als kennelijk ongegrond
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om haar asielaanvraag af te wijzen als kennelijk ongegrond. Zij verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 3 februari 2022, waarbij verzoekster niet aanwezig was vanwege verhindering. De vertegenwoordiger van verweerder was wel aanwezig.
Gezien de uitspraak in een gerelateerde zaak (NL21.19999) wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvraag is afgewezen.